zaterdag 31 augustus 2013

Stapel zet de wereld op zijn kop



In een lang interview (Trouw, 24 augustus) mocht Diederik Stapel ongeremd zijn hart uitstorten. Vooral de commissie-Levelt moest het ontgelden. Die zou ‘karaktermoord’ op hem hebben gepleegd en bovendien zijn vakgebied, de sociale psychologie, ‘geweld’ hebben aangedaan. Ernstige beschuldigingen, maar kloppen ze ook?

De commissie-Levelt had allereerst de vraag te beantwoorden welke publicaties van Stapel op fraude berustten en hoe die fraude eruit zag. Dat vergde een intensieve methodische en statistische reconstructie van de betreffende onderzoeken. De uitkomst was ondubbelzinnig: 55 van Stapels publicaties berusten onbetwistbaar op fraude en bij nog eens 10 is dit vrijwel zeker. Ook is komen vast te staan dat hij die fraude alleen pleegde: zijn coauteurs wisten van niets. Stapel had zijn collega’s en AIO’s dus bedrogen, net als de financiers van de onderzoeksprojecten, de redacties van tijdschriften en de promotiecommissies die de resultaten van de – frauduleuze – onderzoeken te beoordelen hadden.

Hoe heeft Stapel dit bedrog zo lang kunnen volhouden? Dit had allereerst te maken met zijn werkwijze, zo bleek uit de bijna honderd interviews die de commissie had met betrokkenen. In de omgang met collega’s en promovendi toonde hij grote betrokkenheid, waardoor hij hun vertrouwen won. Op zich is daar niets mis mee, maar het krijgt een andere lading wanneer dergelijk gedrag gepaard gaat met regelrecht bedrog. Stapel heeft het vertrouwen van zijn collega’s op massale schaal geschonden. Wanneer hij deze constatering ‘karaktermoord’ noemt zet hij de zaak op zijn kop (de commissie liet zich over zijn karakter overigens in het geheel niet uit).

Stapels fraude werd ook vergemakkelijkt door de onderzoekscultuur in zijn branche: de experimentele sociale psychologie. De commissie constateerde daar een ‘falen van de wetenschappelijke kritiek’. Allerlei merkwaardigheden in de uitvoering van het onderzoek en de analyses, alsook in de resultaten werden door collega’s en reviewers over het hoofd gezien. Ook bleek het heel gewoon te zijn om resultaten te verfraaien. Voor een deel werd dit zelfs aangemoedigd door tijdschriftredacties! In mijn boek De publicatiefabriek laat ik zien hoe de scoringsdrang bij zowel onderzoekers als tijdschriften het kritisch beoordelen van wetenschappelijk werk belemmert.

Volgens sommige sociaalpsychologen deed de commissie-Levelt met deze conclusies een vileine aanval op hun vakgebied. Andere sociaalpsychologen erkenden direct dat het genoemde probleem bestond en dat er iets aan gedaan moest worden. Stapel doet het nu voorkomen alsof de beschadiging van de sociale psychologie niet door hemzelf, maar door de commissie-Levelt was veroorzaakt. Opnieuw zet hij de wereld op zijn kop!

Volgens Stapel is de sociale psychologie deze schade gelukkig alweer grotendeels te boven, waarbij juist de ontdekking van zijn fraude louterend lijkt te hebben gewerkt: wat integriteit betreft zijn de sociaalpsychologen inmiddels ‘lichtjaren verder dan andere wetenschapsgebieden’, zo beweert hij. Op welk onderzoek zou deze uitspraak gebaseerd zijn?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen